De energiemarkt is flink verstoort geraakt door het conflict in het Midden-Oosten. Bakkerijen merken het direct door hogere kosten voor energie en transport. Naast deze directe lasten beïnvloedt de situatie ook de grondstoffenprijzen. Uit een rondgang van NBC, Stichting Nederlands Bakkerij Centrum, langs verschillende bronnen blijkt dat deze gecombineerde effecten waarschijnlijk nog lange tijd een zware wissel op de sector trekken.
Directe impact: stijging energieprijzen
"Het is lastig om in deze situatie betrouwbare lange termijn voorspellingen te doen. De belangrijkste variabele is de duur van de oorlog in het Midden-Oosten. Hoe langer het conflict aanhoudt en de Straat van Hormuz beperkt toegankelijk blijft, hoe groter de economische impact. Ook de schade aan olieproductievelden speelt een belangrijke rol; herstel daarvan kan aanzienlijke tijd vergen", aldus Frank Janssen, directeur Stichting Nederlands Bakkerij Centrum (NBC) op LinkedIn.
Voor Europa en Nederland kan de economische impact aanzienlijk zijn. Rabobank heeft, eind maart 2026, verschillende scenario’s doorgerekend. In het meest negatieve scenario kan de inflatie oplopen tot 4,4 procent. Dit scenario gaat uit van langdurige uitval van olieproductiefaciliteiten en blijvend hoge gasprijzen. De gasprijs, die in maart al steeg naar 52 euro per megawattuur (TTF), kan in een ongunstig geval oplopen tot 125 euro per megawattuur en meerdere jaren op dit niveau blijven.
Voor bakkerijen betekent dit dat energiekosten hoog en onvoorspelbaar blijven, aldus Rabobank. Volgens het Internationaal Energieagentschap is zelfs sprake van de “grootste verstoring ooit” op de energiemarkt. Schade aan gasvelden, onder meer in Qatar en Saoedi-Arabië, kan jaren herstel vergen. De energie-analisten van Rabobank verwachten daarom dat we tot in 2027 te maken blijven houden met verhoogde energieprijzen.
Indirecte impact: grondstoffen en logistiek
De effecten op grondstoffen zijn minder direct zichtbaar, maar zeker niet minder relevant. Niet zozeer omdat grondstoffenroutes massaal door de Straat van Hormuz lopen, maar omdat stijgende energie- en scheepvaartkosten doorwerken in productieketens wereldwijd. Diesel, kunstmest en transport worden duurder, wat de kostprijs van landbouwproducten onder druk zet.
Graanmarkt laat een wisselend beeld zien
Tarweprijzen reageren gevoelig op geopolitieke spanningen, hogere energieprijzen en een zwakkere euro-dollar koers. In belangrijke productieregio’s zoals Australië drukken hogere kosten voor diesel en kunstmest op het marktsentiment en de onzekerheid in de Zwarte Zee-regio blijft ook meespelen. Wereldwijd zijn productie en consumptie redelijk in balans, maar de markt blijft kwetsbaar voor nieuwe schokken, merkt het NBC.
Suiker volgt een eigen patroon
Na forse prijsdalingen door wereldwijde overschotten zijn prijzen recent weer gestegen. Suiker reageert sterk op energieprijzen: bij hoge olieprijzen schakelen Braziliaanse producenten sneller over op ethanolproductie, waardoor het suikeraanbod krimpt. Ook logistieke verstoringen, waaronder in het Midden-Oosten, spelen hierbij een rol. Het gevolg is volgens NBC een grillige markt met kans op nieuwe prijsstijgingen bij tegenvallende oogsten of verder oplopende energieprijzen.
Cacaomarkt zit in een overgangsfase
Na recordprijzen in 2024–2025 zijn de termijnprijzen gedaald dankzij een betere oogst in West-Afrika. Toch blijven consumentenprijzen hoog: ruim 50% boven het niveau van 2021. Voor bakkerijen betekent dit dat cacaokosten structureel hoger blijven, terwijl de markt gevoelig blijft door de afhankelijkheid van West-Afrikaanse productie en de invloed van meststof- en energiekosten.
Vertraagde doorwerking naar brood en banket
Op dit moment zijn hogere kosten nog niet één-op-één zichtbaar in de prijzen van brood en banket. Volgens Rabobank duurt het gemiddeld zes tot negen maanden voordat hogere energieprijzen volledig doorwerken in de supermarktprijzen. Dit komt door voorraden, lopende contracten en bestaande prijsafspraken binnen de keten. Die periode biedt tijdelijke demping, maar geen structurele bescherming.
Uit onderzoek van Rabobank, gebaseerd op de zogeheten local projections-methodiek, blijkt dat een langdurige energieschok van 50 procent grote gevolgen heeft voor de voedingsindustrie. Afhankelijk van de energie-intensiteit van het productieproces kunnen prijzen binnen 24 maanden tot bijna 30 procent stijgen. Voor brood- en bakkerijproducten ligt dit effect rond de 15 procent.
Sector al onder druk
De afgelopen jaren steeg de prijs van grondstoffen, personeel, energie en huisvesting in de bakkerijsector aanzienlijk. Omdat deze kosten niet volledig aan de consument zijn doorgegeven, kwamen marges onder druk te staan en volgden er bedrijfsbeëindigingen en winkelsluitingen. Desondanks groeide de afzet van brood en gebak in 2025 en waren de vooruitzichten voor 2026 positief. De nieuwe energiecrisis wijzigt deze situatie en maakt bedrijven in de sector wederom kwetsbaar.
Structurele onzekerheid
Energie, suiker, cacao en graan blijven daardoor ook in 2026 belangrijke kostenrisico’s voor bakkerijen. Suiker en cacao kennen de grootste prijsschommelingen, terwijl graan wereldwijd beter in balans is, maar gevoelig blijft voor geopolitieke en economische ontwikkelingen. Tegelijkertijd geldt ziet het NBC dat betrouwbare langetermijn-voorspellingen zijn lastig te maken. De doorslaggevende factor is de duur en intensiteit van het conflict in het Midden-Oosten, de mate van schade aan energie-infrastructuur en het tempo van herstel. Hoe langer het conflict aanhoudt en hoe langer cruciale routes en productiecapaciteit beperkt blijven, hoe groter de economische impact. Dat de gevolgen voor bakkerijen niet tijdelijk zijn, maar langdurig voelbaar blijven, staat volgens het NBC echter buiten kijf.


